Zo gaf Bedřich Smetana Tsjechië een muzikaal gezicht

Het is voor een componist een vloek en een zegen om uit te groeien tot een nationaal icoon. Bedřich Smetana werd in de loop van de tweede helft van de negentiende eeuw een ankerpunt in het Tsjechische muzikale leven, een constante factor in een land dat met de nodige politieke veranderingen geconfronteerd werd.

Maar dat stempel van ‘nationale’ componist heeft er ook voor gezorgd dat zijn composities – vooral zijn opera’s – in het buitenland veel minder te horen waren en zijn. Má Vlast, de cyclus van zes symfonische gedichten, met het tweede gedicht Vltava (De Moldau) voorop, en zijn eerste  strijkkwartet zijn zo’n beetje de enige werken die met enige regelmaat geprogrammeerd worden en waarvan het grote publiek hem kent. Van de opera’s was het vooral zijn Prodaná nevěsta – in de productie van de Nederlandse Reisopera hertaald naar Bruid Te Koop! – die in het buitenland vaker werd opgevoerd, buiten Tsjechië vooral in de Duitse vertaling als Die verkaufte Braut. In Nederland is het werk slechts mondjesmaat uitgevoerd. Opvallend is dat de opera hier in het Tsjechisch de afgelopen eeuw überhaupt niet te horen is geweest. De laatste reeks uitvoeringen van de opera, in een Nederlandse vertaling door Johannes den Hartog, stamt uit 1983; een productie van De Nederlandse Operastichting Studio, met studenten van het Koninklijk Conservatorium uit Den Haag.

Smetana’s missie

Prodaná nevěsta vormt een sleutelstuk in Smetana’s missie om muziek in een nationale Tsjechische stijl te componeren, een missie die op haar beurt weer onlosmakelijk verbonden was met de opleving van het Tsjechisch nationaal bewustzijn in de loop van de negentiende eeuw, na eeuwen van Oostenrijkse heerschappij. Volgens de verhalen was de directe aanleiding voor Smetana een belediging van de Weense dirigent Johann von Herbeck tijdens een verblijf in Weimar. Die had gezegd dat hoewel de Tsjechen goede musici waren, zij niet in staat leken om eigen partituren te schrijven. Op dat moment zwoer Smetana Von Herbeck van het tegendeel te overtuigen. Rond 1860 leek de tijd rijp voor zijn grote project. Door recente militaire nederlagen van Oostenrijk in Italië zag de regering in Wenen zich genoodzaakt om de greep op de verschillende volken die binnen het keizerrijk leefden iets te versoepelen en beloofde meer autonomie. Ook al kwam daar uiteindelijk weinig van terecht, het gaf wel een impuls aan de gevoelens van nationale trots in de verschillende landen onder Habsburgs bewind, gevoelens die vooral cultureel goed zichtbaar werden. Zo werd in Praag de beslissing genomen een groots Nationaal Theater te bouwen. In afwachting daarvan werd in het centrum van de stad alvast het bescheiden Voorlopige Theater opgetrokken. Smetana keerde terug naar zijn thuisland, dat hij in 1856 had verlaten. Geplaagd door professionele en persoonlijke tegenslagen was hij naar Zweden vertrokken, op aanraden van landgenoot Alexander Dreyschock na een concerttournee door Scandinavië.

Gek genoeg duurde het even voor Smetana’s muziek in zijn eigen land op waarde werd geschat. Een belangrijke reden daarvoor was ongetwijfeld dat hij in zijn composities het voorbeeld volgde van Franz Liszt en de stroming van de Neudeutsche Schule. Muziek die expliciet beschrijvend was met een organische opbouw die niet langer het stramien volgde van de klassieke Weense school met zijn vaste sonatevormen en doorwerking van thema’s. In Bohemen keek men met argwaan naar een componist die zogenaamd een Tsjechische stijl wilde neerzetten, maar tegelijkertijd zijn muziek niet baseerde op nationale volksmuziek maar sterk aansloot bij de West-Europese traditie. En in het geval van Smetana was dat ook nog muziek uit de Duitse cultuur waartegen de nationalisten zich juist zo sterk afzetten, en bovendien een stroming die velen in artistiek opzicht als onwelkome nieuwlichterij zagen. Het kwam Smetana op de nodige tegenwerking te staan in Praag. Hij moest wachten tot het beheer van het Voorlopige Theater werd overgenomen door vertegenwoordigers van de moderner gezinde culturele stromingen, tot hij kansen kreeg. Al in 1863 voltooide Smetana zijn eerste opera: De Brandenburgers in Bohemen, maar hij moest tot 1866 wachten op de eerste uitvoering. Toch weerhield dat hem er niet van te blijven componeren. De inkt van die allereerste opera was nog maar net droog, of hij ontving van Karel Sabina, de librettist van die opera, een nieuwe tekst. Na de historische handeling van zijn eerste opera zou dit een stap in een heel nieuwe richting zijn: scènes uit het leven op het Tsjechische platteland, in de vorm van een vrolijke komedie.

Matig succes

Zelfs tijdens het schrijven aan De Brandenburgers had Smetana kennelijk al het idee voor zijn volgende opera in zijn hoofd: de eerste motieven die later in Prodaná nevěsta zullen opduiken schreef hij al tijdens het componeren van zijn eerste opera in zijn muzikale notitieboek, met de opmerking ‘koor voor komedie’ in de kantlijn. Opmerkelijk feit is overigens dat Smetana zelf, als voorvechter van een Tsjechische nationale muziekstijl, ten tijde van het schrijven van zijn nieuwe komische opera die zo sterk leunde op het muzikaal schilderen van het Tsjechische platteland, allesbehalve vloeiend Tsjechisch sprak en schreef. Om de opera te kunnen componeren had hij een Duitse tekst als leidraad nodig. Een duidelijker voorbeeld van hoe systematisch en effectief de Tsjechische taal en cultuur door de Habsburgers waren onderdrukt is bijna niet te bedenken.

 

Lees meer over de eerste première van Prodaná nevěsta in deel twee en meer over de opbouw van de opera zelf in deel drie.

 

Benjamin Rous, maart 2020