“Leven als in een roes” – over het regieconcept van La bohème

 

Christian Carsten

Door Christian Carsten, regisseur pocketopera La bohème

 

 

 

Er klinken een paar vitale, voortstuwende ak­koorden, we zien een groep jonge mensen en meteen bevinden we ons midden in het stuk. La Bohème is vanaf het allereerste moment een meeslepende opera. Van de personages gaat een bijzondere charme uit. Ze zijn jong en inne­mend. In de dingen die zij nastreven en door hun levenslust zijn zij geen onbereikbare hel­den, maar juist heel herkenbaar voor de toe­schouwer. Wij willen de liefde die zij ervaren precies zo ondervinden, wij verlangen naar de zelfde hartstocht die hen drijft, naar de liefde­volle toenadering die zij tonen.

Het zijn de overtuigende schilderingen van de hoofdperso­nen die ons ontroeren. In onze pocketversie van dit populaire stuk concentreren wij ons volledig op hen. Zo maken we in deze enscenering de eerste ontmoeting van Rodolfo en Mimì van heel nabij mee. In de eerste twee bedrijven zien we hoe zij als in een roes opgaan in de liefde. Zij zijn weinig spectaculaire, gewone mensen, maar in hen sluimert een hartstocht die aan het einde van het tweede bedrijf in een collectieve euforie uitmondt: het leven is één feest.

Scènefoto uit 2017 (Maurice Haak)

Zinzi Frohwein als Mimì

 

 

 

 

 

 

 

 

We willen een vrij, onbelemmerd uitzicht hebben op deze personages. Door ons op hun lot te concentreren kunnen we ze nog nauwkeuriger bestuderen. De vrolijke eerste twee bedrijven en het melancholische derde en uiteindelijk tragi­sche vierde bedrijf worden niet onderbroken door een pauze. De sterke contrasten die hier­door ontstaan geven het stuk de nodige vaart en het versterkt de roes waarin de componist zijn toeschouwers tracht te brengen.

We willen Puccini navolgen en hem serieus nemen. Dit houdt ook in dat we dit ogenschijnlijk bekende stuk opnieuw moeten bestuderen. In contrast met zijn voorliefde voor een zeer gedetailleerd realisme hebben wij voor een theatrale helder­heid gekozen, die de gebruikelijke clichés uit de weg gaat.

Wij streven er niet naar om de esthetiek of de inhoud van eerdere enscenerin­gen aan te halen, wij willen juist opnieuw op zoek gaan. Het aloude, welbekende verhaal wordt zo een stuk over onze eigen tijd. Het gebruikelijke beeld van het negentiende-eeuwse Parijs dat doorgaans wordt geassocieerd met deze opera, raakt op de achtergrond.

Scènefoto uit 2017 (Maurice Haak)

Scènefoto uit 2017 (Maurice Haak)

 

 

 

 

 

 

 

 

De jonge mensen die Puccini in zijn werk portret­teert geloven dat ze geen deel uitmaken van de wereld waarin zij leven. Omdat zij zichzelf onkwetsbaar achten, denken zij alleen aan zichzelf en vinden zij dat zij alleen aan hun wensen gehoor moeten geven. Zij geven zich – geheel op het heden gericht – over aan hedo­nisme. Zij zijn dan ook geheel onvoorbereid als uiteindelijk met de dood van Mimì de cata­strofe hun leven binnenvalt.

De bohemiens kunnen het lot wel uitdagen, maar niet naar hun hand zetten, zij zijn er weerloos aan over­geleverd. De dood van Mimì zet vraagtekens bij hun huidige leven. Hun wereld vertoont scheu­ren…